AV Sparta / Wedstrijden / Uitslagen en foto's / 2007 / Penang Bridge International Marathon / Verslag van de Penang Bridge International Marathon 2007

Verslag van de Penang Bridge International Marathon 2007

Verslag van de Penang Bridge International Marathon op 24 juni 2007 in Penang, Maleisië.

Verslag van de Penang Bridge International Marathon 2007

De weken sinds de 15km wedstrijd waren spannend, maar niet echt avontuurlijk… Vooral net na de run was ik erg gemotiveerd en heb ik heerlijk veel getraind. Daarna begon de pret.

Drie weken stonden in het teken van niet naar het toilet kunnen en niet van het toilet weg kunnen. Niet echt een smakelijk verhaal, dus ik zal maar niet te veel op de details ingaan. Het kwam er op neer dat ik een week niet de deur uitdurfde om te gaan trainen, omdat ik stijf stond van allerlei medicijnen die de boel op gang moesten helpen. En ik ben nou eenmaal niet iemand die zonder gêne in een park de bosjes in duikt. Zeker niet in het niet al te beschutte KLCC park – en al helemaal niet na kennisgemaakt te hebben met een aantal soorten tarantula's dat hier leeft…

Na hersteld, twee dagen weer te hebben kunnen trainen, moest de training alweer worden onderbroken voor een weekendje duiken op het backpackerseiland Tioman. Bij aankomst leek het een terechte beslissing om de hardloopschoenen in KL te laten. Van eerdere duikvakanties weet ik dat een dag in het water meestal resulteert in een vroeg gaan slapen.

Tioman kent daarnaast niet echt uitgebreide stranden en heeft een ‘highway’ ter breedte van een fietspad, waar men met brommers over heen crost – naar het lijkt – omdat men het te ver vindt om die twee kilometer van de ene kant van het dorp naar de andere kant te lopen…

Dat mijn fanatisme nog niet ver genoeg reikt, blijkt uit het feit dat een andere Nederlander, in voorbereiding op een triathlon, vrolijk elke morgen zijn looptraining aflegde.

Een dag voor vertrek van Tioman, begon deel 2 van de pret. Het was duidelijk dat een onbekende bacterie – waarschijnlijk afkomstig uit een van de niet al te hygiënische keukens van het eiland – zijn uitwerking begon te krijgen. 24 uur lang dicht bij het toilet was het resultaat. Minder gezellig was, dat het ernaar uitzag dat ik niet in staat zou zijn de reis naar Kuala Lumpur zou kunnen maken (vanwege de zeer onvoorspelbare darmen…). Gelukkig werd de trip terug geen sensationeel vervolg.

Na drie dagen naweeën kon ik weer het park in. Zover ik eraan toekwam was Mulay's tweede programma een goede voorbereiding op mijn tweede loopavontuur hier in Maleisie.

Penang Bridge is Azie's langste brug en daar zijn ze trots op hier in Maleisie. Ik las dat er zo veel is geïnvesteerd, dat de brug het vierhonderd jaar moet uithouden – of kan uithouden. Het is niet geheel duidelijk of het de oorspronkelijke bedoeling was… De brug kan in ieder geval een aardbeving van 7.2 op de schaal van Rigter aan, dus dat moet wel goed gaan met al die stampende marathonlopers :-) .

Omdat we hadden gehoord dat Penang zo leuk is om te bezoeken, plande we wederom een lang weekend. Na een eerdere niet al te boeiende busreis naar een eiland niet te ver van Penang, besloten we ditmaal maar te vliegen. Op de Pacesetters site zag ik dat zij zouden verblijven in het City Bayview Hotel – Voor het gemak – boekten we hetzelfde hotel.

De inschrijving voor de run verliep per ‘postal order’ – voor iemand die alles via internet boekt een waar avontuur. Het leukste ervan is dat de uitleg in het postkantoor zo moeilijk te volgen is. Niet omdat men onduidelijk spreekt. Integendeel, men is erg vriendelijk en behulpzaam, maar de spreekgaatjes in het loket zitten op navelhoogte. Net te hoog om gehurkt door te kunnen praten en te laag om hoe dan ook te bukken om erbij te komen…

Met een houding van we zien wel weer hoe het loopt, vlogen we afgelopen vrijdag naar Penang. Ook op dit eiland is de aankomst prachtig. Aanvliegen over een azuurblauwe zee en rond het vliegveld grote arenden die in de lucht cirkelen.

Vanaf de airport eerst maar eens naar Queensbay Mall waar het startnummer opgehaald moest worden. De taxichauffeur had zelf de marathon vorig jaar nog gelopen en wist precies waar te zijn. Het zag er allemaal soepel uit. Er was een tentenpark opgezet buiten het winkelpark met een loket voor elke categorie. En ik bleek ingeschreven. Dat was dus goed gegaan met de postal order. Echter kon mij toch niet het startnummer worden uitgereikt.

Er was blijkbaar een mevrouw die alle betalingsbewijzen in bezit had. Volgens procedures was dat bewijs nodig om tot uitreiking van mijn startpakket te kunnen overgaan. Die bewuste mevrouw, was de enige met rechten tot die handeling, en ze was met lunchpauze… Dit soort taferelen verassen niet meer. In dit geval was het zelfs erg leuk. Naast drie coördinatoren en de bemoeiende taxichauffeur kwam zelfs de technisch directeur polshoogte nemen. Samengevat, ik kon leuk kennismaken met wat mensen en uiteindelijk kon ik vertrekken, met startnummer. (wel na drie kwartier en de formele probleemprocedure te hebben gevolgd – want die mevrouw die met lunchpauze was, had volgens mij een tien gangen lunch…)

Verder op weg naar Georgetown, de hoofdstad van Penang, gaf de taxichauffeur ons het eerste beeld van hoe ons uitstapje zou worden. Gemiddeld genomen vertelt een taxichauffeur hier je dat alles erg mooi en fantastisch is, maar soms krijg je ook een reële mening. Op de vraag hoe het City Bayview hotel is, kwam een ‘hmmmmm, old hotel’ antwoord. Met het Equatorial in Melakka in het achterhoofd – waar we een Rolls Royce motor uit een Boeing 747 in de kamer hadden hangen als airco – houd je dan rekening met het ergste.

Ten opzichte van die ervaring in Melakka viel het gelukkig mee. Het was er in ieder geval schoon. Door om een hoekje te kijken vanuit het raam van de kamer, was het zelfs mogelijk een klein stukje van de baai te zien ;-) . Aangenaam was de aanbieding voor de massages. Meteen geboekt voor zondagmorgen na de wedstrijd dus!

Bij binnenkomst in de lobby liepen we tegen een bord aan van Fox Reizen met een Nederlands welkomstwoord. Het gaf duidelijk aan dat we te maken zouden gaan hebben met een grote groep Nederlanders. Later kennisgemaakt te hebben met deze paffende groep landgenoten (althans niet direct, maar van afstand aanschouwd), en na een niet al te beste gaarkeuken te hebben ervaren, kreeg ik een gevoel van een hoog gehalte aan het “Fred Kroket en Bar van Tante Sjaan aan een van de Spaanse stranden” – gehalte.

Na twee maanden kan ik geen winkelcentrum meer zien (Gabi heeft daar minder last van…), dus ook niet in Penang. En dat is net als in KL, ook in Penang de hoofdattractie. Shops, shops en shops. Gelukkig verveelt een ding me nooit en dat is de natuur.

In een groot botanisch park konden we kennismaken met schildpadden, vlinders, grote eekhoorns en een groot uitgewassen duizendpoot. Uiteraard ook weer met kolonies apen.

Terug van het park konden we haast het hotel niet in, omdat de grote groep Pacesetters leden zich meldde bij de receptie. Temidden van de gebruikelijke wanorde, kon ik de juiste man aan de mouw trekken voor de Pacesetters shirts die ik had besteld. Afgezien van het feit dat een van de shirts een dames shirt was, kwam dit na wat geharrewar ook op de pootjes terecht.

Een van de redenen om in het zelfde hotel verblijven was de bus die de Pacesetters regelde naar het startgebied van de wedstrijd. De mevrouw die daarover ging bleek in wat drukker vaarwater. Na wachten - twee potten thee in de lobby van het hotel - kon ik via haar ook de bus regelen. Voordeel voor Gabi was dat ze ook mee kon rijden met de bus. Nadeel voor Gabi, was dat ze dezelfde tijd als ik moest op staan. Twee uur 's-nachts!

Kortom op tijd eten en vroeg naar bed. Het leidde ons naar een zeer luxe oude Britse mansion genaamd 32, vlakbij het hotel. En heerlijke pasta's op het menu. De goede kaart maakte het wel wat moeilijk niet al te lang en al te veel te dineren.

Redelijk geslapen, om twee uur opgestaan zaten we in een niet al te volle bus naar de start. Het deed een beetje vermoeden dat de meeste Pacesetters om Maleisische tijd 2.30 uur zijn komen opdagen en de bus vertrok om stipte tijd 2.30 uur… Bij aankomst bleek de bus minder ver te kunnen rijden dan gepland, omdat de wegen al waren afgesloten. Goed dat we de bus namen, want een taxi was waarschijnlijk nog minder ver gekomen en de wandeling van weg naar het startgebied, ging door een wijk die ik zelf niet zo maar midden in de nacht zou zijn ingewandeld.

In het startgebied was het al begeven van de lopers voor de marathon. Om drie uur kon ik het terrein op voor registratie – je moet je nog registreren voordat je start. Twee hele grote velden stonden vol met tenten van sponsoren. Er was behoorlijk wat overredingskracht nodig bij de bewaking om ook Gabi toe te laten tot dit terrein. Het was namelijk de bedoeling – zelfs verplichting - dat je op het terrein verblijft tot aan de start.

Op zich geen probleem, ruimte zat om rustig in te lopen en voldoende faciliteiten en zo. Maar de muziek! Op Parkpop galmen de speakers minder hard over het veld. Het was onmogelijk om een rustige plek te vinden. Het herinnerde me aan de 15 km run, waar Wan mij vertelde dat hij het zo jammer vond dat de DJ het PA systeem niet geleverd had gekregen. Het schijnt namelijk erg normaal te zijn te verwelkomen alsof ze een discotheek binnenwandelen.

Het was een opluchting om te kunnen starten – ik had wel erg medelijden met Gabi, want die moest hier blijven rondhangen tot ik weer terug zou zijn. De finishes waren namelijk op hetzelfde veld. Ik kon lekker wegrennen van al die herrie :-)

Vanuit een zijingang van het veld konden een kwartier voor tijd de lopers gezamenlijk naar de start voor de halve marathon. Een paar duizend lopers door een smal steegje om goede startpositie te hebben aan de streep. Wederom chaos dus.

Vooraan aangesloten aan de start, merkte ik dat de luchtvochtigheid zo extreem was, dat ik al doorweekt was. Ik had amper ingelopen en was al kletsnat. Extra rustig starten dus maar. Net als bij de 15km run kon dat van niet iedereen gezegd worden. Ik kwam erachter dat er verschillende soorten opportunistische lopers zijn. Lopers die een 500 meter sprint lopen en dan al moeten wandelen – waarschijnlijk nog nooit gelopen en proberen Kenianen te volgen. Daarnaast een groep lopers die een of twee kilometer flink de benen neemt en dan zwaar hijgend veel gas terugnemen. De rest haal je in gedurende de rest van de 21km. Of, ik moet zeggen 22,3km. Door de lengte van de brug komt dat nou eenmaal net zo uit hier ;-)

Na iets minder dan twee kilometer, begon ik aan de brug. Tegen verwachting zaten er een curve en verhoging in de brug. Je kijkt dus niet helemaal een recht stuk door naar het einde. Tegenover deze mentale meevaller stond wel dat er tussen linker en rechter weg een schot stond. Concluderend, aan de ene kant het donker van de nacht, voor je asfalt en rechts van je een lelijke schutting.

Ondanks de bijkomende geur van baggerschuiten naast de brug en industrie in Butterworth – aan de andere oever, kon ik toch erg genieten van het lopen. De sensatie van alles wat je meemaakt door af te reizen naar Penang en de nieuwigheden die je tegen het lijf loopt, geven een speciaal gevoel.

Voor mijn gevoel heb ik ook heerlijk gelopen. Rustig begonnen en voldoende over voor een flinke versnelling laatste drie kilometer en sprint laatste kilometer. De gesealde bekertjes bij de drinkposten hielpen bij het goed vocht binnenkrijgen, maar toch was ik weer compleet uitgedroogd. Dit maal moest ik zelfs noodgedwongen een half uur op het gras zitten om bij positieven te komen (en de nog steeds luide muziek hielpen niet echt daarbij). Bij aankomst over de finish kreeg ik toegeroepen thirty six, maar ik heb geen idee of dit met tijd (1:36) of positie (36e) te maken heeft. Er was namelijk geen klok.

Na een half uur kon ik weer rustig wandelen. Met Gabi zocht ik of er ergens wat te eten viel. Dat was niet het geval. Op een noodle stand na en wat crackers in de Goodies Bag die je kon ophalen, viel er niets te eten. Op weg naar de bus dan maar.

Nu bij daglicht wandelden we door dezelfde woonwijk terug naar waar de bus om acht uur zou vertrekken. We waren – daar aangekomen om zeven uur – gelukkig niet de enigen. Wel jammer was dat er om kwart over acht nog geen bus was voor de inmiddels grote groep wachtende Pacesetters. Blijkbaar werd ondanks toezegging de Pacesetters bus niet toegelaten op de weg, omdat er nog steeds marathonlopers waren. De weg zou om 10 uur opengaan.

De geboekte massage kwam voor mij als zeer geroepen. Na een uur wandelen naar de wegafzetting, troffen we bij toeval een taxi. Helemaal gaar, terug in het hotel, viel Gabi snel in slaap en dook ik buiten de Jacuzzi in om de spieren een beetje te ontspannen. Gaargesudderd kon ik op de massagetafel.

De massage was een typerende uitsmijter voor een weekendje Penang. In enkele woorden Engels (niet door gebrek aan scholing, maar door gebrek aan tanden), werd ik door de masseuse naar een of andere achterafkamer geloodst. Het was een soort massagefabriek. Het viel op het gezicht van de masseuse af te lezen dat er flink uren gedraaid werden. De kamer was wat minder schoon en ook het kussen waarop ik mijn hoofd moest leggen was duidelijk al heel vaak gebruikt.

Te moe om te protesteren, kon ik de kraaksessie alleen maar ondergaan. Gevraagd om een normale massage, vond de tandloze dame dat ik wat van die Thai krakende strek en rek elementen nodig had. Niet echt een sfeervol plaatje, maar het resultaat was verbluffend.

Gabi en ik waren niet alleen klaar met Penang, we zijn er ook klaar voor om terug te vliegen naar Nederland komende week. Voorlopig even geen restaurant- en hotelvoedsel meer; En even geen rijst.

Snel een week trainen in het Zuiderpark en de duinen. Dan naar Zuid Frankrijk voor mijn jaarlijkse deelname aan de Foulee de Cotignac – op 14 Juillet, een 10 km wedstrijd in een dorpje vlakbij de woonplaats van mijn ouders.

(Wedstrijden lopen tijdens je vakantie in Frankrijk: www.chronosports.fr en www.courirenfrance.com).

Maarten Klein